Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label Bayerischer Wald. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bayerischer Wald. Alle posts tonen

zondag 4 december 2011

Terug naar het Bayerischer Wald: visotter en lynx


Dit is het laatste deel van mijn belevenissen in Bayeren. De openingsfoto maakten we  bij de uitgang van het park. De zon ging onder en toverde een prachtige paarse gloed over de omgeving. Daarna was het dus echt donker en tijd om de dag af te sluiten.


Een uurtje eerder die dag nemen we een kijkje bij de visotter. Er zijn er twee maar omdat er veel gevochten werd, zijn ze uit elkaar gehaald en zitten ze elk in een apart verblijf.

Het zijn actieve beestjes. Deze heeft een groot formaat kiezel opgedoken waarmee hij zich prima vermaakt. Hij legt de steen op zijn kop, gooit de steen in de lucht en vangt hem weer op. Alsof hij een balletje hooghoudt. Alleen blijft deze niet drijven en als hij mist, moet hij hem opnieuw opduiken.



Helaas neemt het licht al af en wordt het lastig om hem goed te fotograferen.




Deze vogel is of een auerhoen of een korhoen. Ik dacht dat ik een auerhoen fotografeerde, maar eenmaal thuis heb ik gegoogled op deze namen en denk  ikdat het een korhoen is.


Ik vind ze erg op elkaar lijken, maar de auerhoen heeft een egaal bruine borst. Het is in elk geval een vrouwtje.


Een van de favoriete dieren daar is de lynx. Een prachtige kat. Maar als ze zich niet willen laten zien, dan zie je ze ook niet. Ze gaan zo onder in het groen en zijn dan compleet uit het zicht verdwenen.

De lynx heeft karakteristieke bakkebaarden, gepluimde oren en een kort staartje. Hij staat hoog op de poten. De vacht van de lynx is in de zomer geelbruin. 's Winters is de vacht bleker en dikker. Verspreid over zijn lichaam liggen enkele kleine, bleke vlekken. Vooral de ledematen zijn duidelijk gevlekt. De staart is kort met een zwart puntje.



Lynxen zijn goed tegen kou bestand, dankzij de dichte vacht en de haarkussens aan hun voeten. De gepluimde oorschelpen zijn uiterst nuttig voor het opvangen van zelfs de zwakste geluiden. Ze hebben als het ware de functie van antennes.

Even wat drinken bij een plek waar water opwelt uit de grond.



Er ligt een dood konijn. Als de lynx hem in de gaten krijgt, neemt hij hem in zijn bek en gaat ermee van door om hem in de beschutting van de struiken op te peuzelen.


Hetzelfde uiltje van vorige keer. Het blijft leuk om hem te platen.



De laatste foto van de serie




zondag 27 november 2011

Terug naar het Bayerischer Wald: bruine beren en zwijnen


In maart plaatste ik een blog met foto's van de bruine beren: mannetje, vrouwtje en hun twee jongen. In oktober hebben we ze opnieuw gefotografeerd. De kleintjes zijn wat minder klein, ze stoeien nog wel maar er zijn ook lange uren van niets doen.

Maar als er actie in het verblijf komt, laten ze zien dat ze toch echt wel tot de wilde dieren behoren. De hoektanden van een beer zijn lang en puntig, de kiezen zijn minder scherp dan bij andere roofdieren.







Bruine beren zijn dik en gespierd. Hun dikke vacht beschermt hen tegen de kou en uitstekende boomtakken. De poten zijn ook erg sterk en hebben zware botten. Met die poten kunnen ze snelheden halen van 50 kilometer per uur. Een bruine beer loopt met zijn voeten plat op de grond. Zijn nagels zijn erg lang, zodat hij hier goed mee kan graven. De ogen van een bruine beer zien erg slecht; zijn ruikvermogen is daarentegen erg goed. Hij kan een dood dier op 25 kilometer afstand ruiken. Met zijn oren, die klein en rond zijn, kan hij goed horen.


De toevoeging "bruine" beer is eigenlijk misleidend, want de vacht kan verschillend van kleur zijn, variërend van licht crème tot donker bruin. Het uiteinde van de lange haren is vaak blond.



In deze herfstweek gaan we ook naar de wilde zwijnen. Ik had ze wel eens gefotografeerd bij het Aardhuis, maar daar staat dan heel veilig een hek tussen de zwijnen en mij. Wat ik toen ook wel eens lastig vond.

In Bayeren kun je door het hek naar binnen lopen en op zoek gaan naar de zwijnen. Het is een gigantisch groot stuk bos, waar je op/bij de paden moet blijven. Er liggen op verschillende plaatsen waterpoelen zogenaamde 'zoelen'  waar de zwijnen graag een modderbad in nemen. Het laagje modder dat na het baden op de huid van de wilde zwijnen achterblijft, biedt bescherming tegen muggen en vliegen. De huidparasieten drogen op in het modderlaagje en vallen van de huid af als de wilde zwijnen tegen een boom schuren.
Hier kun je dus heel dicht bij de zwijnen komen, of te wel de zwijnen kun hier heel dicht bij jou komen.
Toen ik steeds wat dichter bij kroop om plat op de grond liggend met de groothoek wat platen te kunnen maken, dook er plotseling een giga groot zwijn rechts van me op en die kwam in volle vaart mijn kant uit.
Ik schrok me dood en kroop zo snel mogelijk een eind weg. Maar blijkbaar is het veilig genoeg om rustig te blijven liggen. Zo'n laag standpunt en een groothoeklens geeft wel een indrukwekkend beeld, vind ik.




Een landschapje als afsluiting

In mijn volgende en laatste blog van het Bayerischer Wald komen de prachtige lynx en grappige visotter aan de beurt.

zondag 20 november 2011

Terug naar het Bayerischer Wald: wilde kat en edelhert


Een ochtendopname in Altschonau, in de directe omgeving van het Bayerischer Wald of te wel het Beierse Woud. Dat is een middelgebergte in de Duitse deelstaat Beieren. Het Beierse Woud loopt langs de grens met Tsjechië en gaat aan de Tsjechische kant over in het Bohemer Woud.

Het Beierse Woud loopt van boven Regensburg tot aan Passau. De hoogste top is de Grosser Arber van 1456 meter hoog. De belangrijkste rivier is de Regen. Een gebied van 240 km2 is in 1970 aangewezen als Nationaal Park Bayerischer Wald. In de winter is het een skigebied.


Spelen bij het riviertje de Ohe.

 


In het park is een verblijf met 2 wilde katten erin, daar ben ik in februari niet geweest.
In eerste instantie kunnen we er maar 1 ontdekken en die blijft net lang genoeg zitten om deze foto te kunnen maken. Daarna gaat zij met de rug naar ons toe achter een boompje zitten. Bekijk het maar, lijkt de boodschap te zijn.


De Europese wilde kat lijkt sterk op een grote, forse huiskat, maar de Europese wilde kat heeft nooit vlekken, alleen strepen. Het belangrijkste verschil is de staart, die bij de wilde kat veel dikker is. Over de staart lopen drie tot vijf brede, zwarte ringen. De staartpunt is afgerond en zwart. De ogen zijn vaalgeel van kleur.
We verlaten het hok en 's middags keer ik terug. Nu slaapt ze, maar na een poosje komt er wat actie.
De poes blijkt een prooi te hebben, het lijkt me dat het een mol is. Ze neemt hem mee het struikgewas in en maakt hem daar soldaat.

Op het menu staan voornamelijk konijnen, jonge hazen, kleine knaagdieren en vogels. Ze bespringen hun prooi vanuit een hinderlaag of besluipen hem.


Dan blijkt ze niet de enige kat te zijn. Nummer twee, een flink wat groter mannetje, laat zich ook zien, maar die moet het niet wagen om bij haar en haar prooi in de buurt te komen. Hij wordt weggesnauwd.

Dat gaat er stevig aan toe. Geen katje om zonder handschoenen aan te pakken is op deze dame zeker van toepassing.
Een wilde kat krabt aan een boom om zijn nagels te scherpen, maar markeert tevens zijn territorium met geurstoffen uit klieren aan de voet.


De Europese wilde kat is helaas niet meer overal raszuiver, er is veel vermenging met verwilderde huiskatten. Hij was verdwenen uit Nederland, maar komt nu sporadisch voor in Zuid Limburg. Als hij beschermd wordt, blijkt de wilde kat zich goed te kunnen handhaven.


Een ander dier dat we vorige keer niet gefotografeerd hebben is het edelhert. Daarvan loopt een grote roedel die we op het einde van de dag gaan zoeken. Het zon staat laag en het wordt al bijna donker, zeker onder de bomen. Maar dat geeft wel mooi licht en mooie tegenlicht situaties.


Deze geweidrager ziet er niet al te florissant uit na de bronst.






Als afsluiting nog een keer de Ohe. Heerlijk spelen met sluitertijden en standpunten. Dit vind ik zelf de best geslaagde opname hiervan.


In het volgende blog komen nog meer foto's van deze fotoreis.