14 en 15 maart ben ik in Twente, waar ik samen met Loes de fotohut van Han Bouwmeester heb gehuurd. Zie daarvoor mijn eerdere berichten.
Op 13 maart rijd ik al richting Drente. Het is een grauwe, grijze dag. Ik ga via de Ooij-polder bij Nijmegen. Een mooi natuurgebied, maar het lukt me niet om er (vanaf de dijk) iets te spotten.
Het enige wat ik te zien krijg zijn een paar konikpaarden, die op onmogelijke plekken gaan staan zoals prikkeldraad en achter bomen.
Maar ze kleuren prachtig bij het gele, droge gras. Ik besluit door te rijden naar Twente en op zoek te gaan naar baltsende futen. Ik zal jullie mijn zoektocht besparen, het loopt op niets uit.
Op 14 maart komt Loes en fotograferen we vanuit de hut. Tegen de avond gaan we op weg naar de steenuil. Ook hier is het even zoeken voordat we hem te zien krijgen. Het begint inmiddels te schemeren en het wordt al snel donker. Maar we zien hem wel! Alleen dat al is leuk.
Wat is het een klein uiltje. Hij zit in een boom die hij al snel verlaat om op het dak van een huis plaats te nemen.
.jpg)
.jpg)
Op donderdag 15 maart gaan we op zoek naar de blauwe heikikkers. Het is de eerste prachtige lentedag. De kikkers zijn op pad naar het water, zoals het kikkertje hieronder. Een paar heikikkers zijn er al, maar ze zitten (voor mijn 300mm) te ver weg. Loes lukt het om ze in hun omgeving te fotograferen.
We hebben gehoord dat hier adders zijn en met hulp van voorbijgangers krijgen we ze ook te zien.
Omdat ik niets weet van adders heb ik maar even gegoogled:
De adder is de enige giftige slang die voorkomt in België en
Nederland.
De beet kan
gevaarlijk zijn voor mensen, maar fatale gevallen zijn gelukkig zeldzaam.
.jpg)
De adders liggen goed verborgen in het gras, weggedoken onder takken en wortels. Ze warmen zich in de lentezon, want het zijn koudbloedige dieren.
De adder heeft zoals alle slangen geen uitwendige gehooropeningen maar wel een binnenoor. De trillingen die door het lichaam worden opgevangen worden door de schedel naar het binnenoor geleid zodat de slang toch min of meer kan horen. Veel dieren worden hierdoor al opgemerkt voor ze het gezichtsveld bereiken door de trillingen die ze veroorzaken bij het lopen. Van de adder is bekend dat voorzichtige voetstappen op een afstand van 5 meter kunnen worden gevoeld.
De adder wordt ongeveer 50 tot 70 centimeter lang en is te herkennen aan de koperbruine tot rode ogen met verticale pupil en het zigzagpatroon op de rug.
Bek staat een beetje open.
Bek dicht, patroon loopt nu mooi door.
De adder steekt voortdurend zijn tong naar
buiten waarbij de tong op en neer wordt bewogen, wat tongelen wordt
genoemd. Hierbij worden geurdeeltjes opgevangen door de tong die vervolgens
naar het orgaan van Jacobson worden gebracht en worden geanalyseerd. Omdat de
adder een gevorkte tong heeft kan niet alleen bepaald worden of een prooi of
vijand in de buurt is, maar ook waar deze geur het sterkste is, zodat de
richting kan worden bepaald.
Adders eten voornamelijk muizen en konijnen en soms klimmen ze om vogelnesten leeg te roven. Zelf moeten ze oppassen voor roofvogels.
Het was lastig om de adders mooi te fotograferen, dat kan veel beter dan zo. Maar ik vond het een unieke ervaring en ben blij met deze eerste registraties.
Zo kwam er veel te snel een einde aan het leuke midweekje met Loes in Drente. Zie voor haar mooie foto's: Oefening baart kunst? De uitdaging
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)