Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label vink. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vink. Alle posts tonen

dinsdag 18 december 2012

Sneeuw in de tuin

Vlaamse Gaai

Zaterdag 8 december lag er sneeuw, maar ik was niet fit en had geen energie om op pad te gaan. Ik  wilde graag fotograferen, heb mijn camera op het statief geschroefd en de tuin goed in de gaten gehouden. Zo heb ik toch een paar aardige plaatjes kunnen maken, al zijn het geen hoogstandjes.


Kauw

Sinds dit jaar komen er kauwen in de tuin. Ze kunnen behoorlijk bazig zijn en echt blij zijn we er niet mee. Maar als ik deze blauwe ogen zie, dan vind ik ze toch ook wel mooi.
Zwarte mees
De zwarte mees zien we alleen in de winter in onze tuin. Maar ook dan zie ik hem vaak aan voor een koolmeesje. Hij is zo snel en beweeglijk dat je goed moet op letten om hem te herkennen. Het beste lukt dat aan de witte vlek achter op zijn kop.

Turkse tortel
 
Was de Turkse Tortel zo'n 50 jaren geleden nog een bijzonderheid, tegenwoordig is hij algemeen voorkomend. Een koppeltje tortels bezoekt dagelijks onze tuin. Een tijdje terug kwam er een jong mee, die had de karakteristieke zwarte vlek in de nek nog niet.

Vink

Ook vinken zien we regelmatig in de tuin, meestal blijven ze op de grond rondscharrelen, maar een enkele keer wagen ze zich op de voedertafel.

Vink
Vanaf een plekje tussen de takken van het perenboompje kan hij goed overzien of de kust veilig is.


 
De herfstbladeren met sneeuw erop zijn mooi met tegenlicht.
 

 
Maar door de zon verdwijnt de sneeuw als... uhh .. sneeuw voor de zon

Malus, sierappeltje
 
 
Vlaamse Gaai

De Vlaamse Gaaien zijn dol op de pinda's en komen regelmatig even kijken of er wat te halen valt, maar ze zijn o zo schuw. Het lukt me vandaag om ze op de foto te krijgen..
Vlaamse Gaai


De laatse, een herhaling van de eerste, is een uitsnede van een foto waarop de Gaai op een net met pinda's zat. Ik vind deze wel grappig zo.
 


 
Veel sneeuw staat er niet op en ik hoop dan ook dat er snel weer een mooi pak ligt.
 

vrijdag 13 april 2012

Elk vogeltje zingt zoals het gebekt is, ook de kruisbek.



In het vorige bericht schreef ik al dat het een top dag werd. Want behalve de eekhoorntjes krijgen we nog meer moois voor de lens.
Ik hoop deze dag appelvink en goudvink te zien.
Ik ben nog bezig met het maken van een proeffoto om de belichting te controleren, als er een goudvink verschijnt. Binnen 5 minuten, hoe is het mogelijk.
Het gaat zo snel, dat het eigenlijk foto's van niets worden. Even later verschijnt een voor mij onbekend vogeltje: beige met een zwarte kop en snavel. Dat moet het vrouwtje van de goudvink zijn.


Ook zij komt even drinken.



De waterstand is laag, waardoor de lelijke betonrand zichtbaar wordt. Maar het voordeel van zo veel droogte is dat er meer schuwere soorten komen.
Een poos later komt het mannetje weer en als hij de kust veilig vindt, komt het vrouwtje ook weer even.



Ons geluk kan niet op als ook de kuifmees langs komt.


Even later gevolgd door het wel erg snelle en beweeglijke glanskopje, wat ook nu weer zo maar een matkopje zou kunnen zijn.



De vrouwtjes vink doet haar best, ze gaat zelfs even badderen. Maar ach eigenlijk telt ze vandaag niet zo mee.



Datzelfde geldt voor het roodborstje dat op een toch wel erg leuk plekje poseert.



We lopen meer warm voor de schuwe vlaamse gaai.




Een beauty, zo in het mos. Maar we houden onze adem echt in als deze vogel op het takje plaatsneemt. Deze soort ken ik alleen nog maar van plaatjes uit vogelboeken.



De kruisbek. Aan de snavel is duidelijk te zien waarom deze vinkachtige vogel zo heet: de bovenste en onderste snavelhelft kruisen elkaar! Zo'n snavel is effectief gereedschap om zaden uit dennen- en sparappels te halen.




Groepen kruisbekken kunnen boven in de toppen van naaldbomen neer strijken, waar ze aan dennen- en sparrenappels gaan hangen om zaden eruit te peuzelen. Bij een plas water is het bijna de enige mogelijkheid om een kruisbek van dichtbij te zien.



Dit is een vrouwtje. Even later verschijnt een geler exemplaar. Ten onrechte denk ik dat dit dan wel het mannetje zal zijn. Niet dus. Ook de gele zijn vrouwtjes. De mannetjes zijn rood.








Hoe dit vogeltje nou eigenlijk zingt, weet ik niet. Op de site van de vogelbescherming wordt het als omschreven als ``kiep`geluid.




Met een tevreden gevoel rijd ik terug naar huis, dit kan ik met recht een top dag noemen.

zondag 29 januari 2012

Groenlingen en een boomkruipertje


Vanmiddag weer eens in de tuin gefotografeerd. Er kwamen een stuk of vier groenlingen op de voedertafel af. Deze vogels doen hun naam eer aan, allerlei tinten groen zijn in het verenkleed van de groenling terug te vinden.


Mannetjes zijn helder groen gekleurd met opvallende gele randen van de handpennen en gele buitenste staartpennen. Vrouwtjes zijn grijzig groen van kleur.



De stevige kegelvormige snavel wordt gebruikt om zaden mee te kraken. Ook eten ze rozenbottels, bessen en elzenpropjes.


In de winter trekt een deel van de populatie weg, maar tegelijk overwinteren vogels uit het noorden in Nederland, zodat het aantal vogels min of meer constant blijft.
Groenlingen zijn bijzonder trouw aan hun overwinteringsstek. De Nederlandse groenlingen welke wegtrekken worden aangevuld met Scandinavische vogels. Uit ringonderzoek is gebleken dat deze vogels, jaar op jaar op dezelfde plek overwinteren.




De groenling is vaak te vinden in dichte bosjes, in parken, tuinen en heggen. In de winter als het voedsel schaars is, komen de groenlingen bij  huizen in gezelschap van andere vogelsoorten, zoals de vinken, mezen, merels en spreeuwen.


Een groenling is ongeveer 15 centimeter lang. De bouw van de groenling is nagenoeg gelijk aan die van de vink. Ze behoren ook tot de familie van de vinken.




Even om de bouw te kunnen vergelijken twee vinken foto's:




Hierboven de mannetjes vink en hieronder het vrouwtje:



Ook het boomkruipertje liet zich even zien. Wat zijn ze snel en dus lastig te fotograferen.




Boomkruipers zijn bruingevlekt van boven en roomwit van onderen. De boomkruiper is prima gecamoufleerd: zijn verenpak lijkt sprekend op boombast. Hij heeft korte poten met lange tenen en lange teennagels voor een goede grip op boomstammen.  Het zijn kleine vogeltjes die 12 tot 13,5 cm groot worden.




De spitse snavel is omlaag gebogen en zeer geschikt om insecten uit spleten in boombast te peuteren. Bij mij in de tuin komt hij altijd even kijken of er nog een vetblok hangt.



De boomkruiper heeft een karakteristieke manier van voedsel verzamelen. De vogel hipt spiraalsgewijs langs een boomstam omhoog, daarbij de bast afzoekend naar insecten. Op enige hoogte aangekomen vliegt de boomkruiper naar een andere boom, om daar weer aan de voet met klauteren te beginnen. Ondertussen gebruikt de boomkruiper de stugge staartveren als steuntje waardoor deze vaak sterk gesleten punten blijken te hebben. Deze punten zien er in mijn ogen nog mooi uit.



Hier zit hij even op de berkenstam die ik speciaal voor de Grote Bonte Specht heb neergezet. Maar die heeft zich, sinds de laatste keer dat ik hem in het blog plaatste, helaas niet meer laten zien.

zaterdag 7 januari 2012

Aanwezige en afwezige flierefluiters ...

Graag wilde ik op pad in de kerstvakantie, maar het weer was zo allerbelabberdst, dat het daar niet van gekomen is.
Ik heb dus vanuit huis geprobeerd vogels te fotograferen. Hoewel het wat temperatuur betreft niet nodig is, voeren we op het moment de vogels alsof het nog steeds kerst is: vetblokken, zaden, pinda's en pindakaas. Met de hoop dat ze komen en plaatsnemen op een mooie tak of stronk.
Hieronder wat zich op het moment laat zien.


De spreeuw.
Een prachtige vogel om te zien met zijn paarse en groene kleuren en vele spikkels.
Ze eten nagenoeg alles: insecten, wormen, slakken, kersen, druiven, brood en afval. Spreeuwen zijn dol op bessen en kersen en kunnen in de zomer in een dag een kersenboom totaal leegeten. Onze sierappeltjes laten ze op het moment nog ongemoeid, de vetblokken zijn favoriet.



Na het broedseizoen zoeken spreeuwen elkaar op en vormen soms zeer grote groepen. Deze groepen worden in het najaar aangevuld met spreeuwen uit Scandinavië. Overdag zoeken spreeuwen in de wijde omgeving naar voedsel. Aan het einde van de middag verzamelen ze zich op een vaste plaats. Na een aantal vluchten over de omgeving duiken ze met zijn allen in een groep bomen of struiken. Zolang er genoeg voedsel in de omgeving te vinden is zullen ze hier blijven vertoeven. Dit kan enkele dagen zijn maar soms ook vele weken. Aan het einde van de winter gaan de spreeuwen weer op zoek naar een geschikte broedplaats en trekken er weer vele spreeuwen naar Scandinavië.
Gelukkig komen er in onze tuin maar 2 tot 3 spreeuwen tegelijkertijd voor.


Deze grote bonte specht is ook gek op de vetblok en komt dagelijks even wat snoepen. Bij onraad duikt hij weg achter de stam van de boom, om even later voorzichtig met 1 oog te gluren of de kust veilig is.




Vinken zitten er vol op. Dit mannetje heeft een zaadje in zijn snavel en kijkt even met een schuin koppie naar de lens.

Mmmm, wat moet ik hiermee? lijkt hij te denken.


Deze maakte ik al een poosje geleden. Hij doet me denken aan de denker van Rodin.
De (sier-)appelboom hangt helemaal vol. De merels doen zich er te goed aan. Andere jaren kwamen in januari ook koperwieken en kramsvogels op de appeltjes af. Ik ben bang dat het daar nu niet koud genoeg voor is en dat ze hun voedsel op andere plekken kunnen vinden.


Dat zou jammer zijn, want het leverde mooie platen op:


Boven de kramsvogel en onder koperwieken:



Deze laatsten zijn niet van dit jaar, maar ik hoop ze nog te kunnen maken.