Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label vlinder. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vlinder. Alle posts tonen

donderdag 6 augustus 2015

Zwartsprietdikkopjes


Het is een voorjaar zonder veel vlinders. Begin juli is er een wat koelere nacht en ik ga 's ochtends op zoek naar insecten met dauw. Maar hoe ik ook zoek, ik vind niets. Als ik het eigenlijk al wil opgeven, ontdek ik een hooibeestje en nog even later een paar zwartsprietdikkopjes in het droge gras.
Het is inmiddels half 7, de zon is al lang en breed op en dauw is nauwelijks meer aanwezig, mar het licht is nog zacht.
Hebben ze gewacht tot het wat warmer werd, om dan pas uit de begroeiing omhoog te kruipen?


Wat zijn het toch kleine vlindertjes. Als dikkopjes zitten worden de vleugels vaak anders gehouden dan bij de overige dagvlinders: de achtervleugels zijn uitgespreid, terwijl de voorvleugels half dichtgeklapt zijn.


Als je twee vlinders bij elkaar treft, geeft dat iets extra's aan je foto's. Het blijkt nog lastig om voldoende scherpte op beide kopjes te krijgen en toch een zacht en rustig beeld te creëren.

 
 
 
Bij deze foto's twijfel ik: vlinder in landschap of storende grasjes?
 

Een paar weken later ga ik naar hetzelfde gebied. Ik ga eigenlijk voor juffers en libellen, maar kom uiteindelijk weer bij de zwartsprietdikkopjes uit. Nagenoeg op dezelfde plek. Nu is het iets vroeger en er is nog een beetje dauw aanwezig.





Ik probeer iets meer van de omgeving mee te nemen om meer "vlinder in landschap" te krijgen. In de achtergrond komen wat warmere kleuren.


De laatste vind ik het beste gelukt. Dauw zichtbaar op de rolklaver en een beetje op de vleugels van de vlindertjes, mooie tinten in de achtergrond.


Inmiddels terug van vakantie, hoop ik op wat koelere nachten, want ik wil graag weer op pad.

donderdag 16 augustus 2012

Hemelsblauw



Het is een slecht vlinderjaar, tenminste tot half juli leek het daar wel op. Ik had zelf nog maar nauwelijks een vlinder gezien en ook via medebloggers kreeg ik het te horen.
Maar daarna leek het tij te keren en inmiddels heb ik toch al diverse soorten zien rond fladderen.



Van de soorten die er nu zijn vind ik de blauwtjes het mooiste.



Het icarusblauwtje is het meest voorkomende blauwtje in Nederland. De mannetjes hebben hemelsblauwe vleugels, tenminste aan de bovenzijde.




De vrouwtjes zien er heel anders uit. De bovenkant van die vleugels zijn bruin met blauw of helemaal bruin.








Het is eigenlijk niet alleen de blauwe kleur die ik zo mooi vind. Vooral de onderkant van de vleugels is zo prachtig.




Het icarusblauwtje kom je bijna de hele zomer tegen op graslanden en bermen met veel bloemen.


De vlinder voedt zich met de nectar van vlinderbloemigen. De rupsen vind je vooral op klaversoorten zoals de hopklaver, de rolklaver en de kleine klaver.


Hier zit hij op een plant van het Sint Jacobskruiskruid. (Dit is dan ook geen rups van het Icarusblauwtje, maar van de Sint Jansvlinder. De rups van het Icarusblauwtje is groen. Met dank aan Greet)


Prachtig zijn ze, net voordat ze wegvliegen, als ze hun vleugels spreiden en het licht er doorheen schijnt.




Maar ook 's morgensvroeg nog nat van de dauw, bij het eerste bleke zonlicht vind ik ze hemels.







En bij de mannetjes is dat dan hemels....




hemelsblauw!


zondag 21 augustus 2011

Het vliegt voorbij...

Iedereen kent het gevoel dat de vakantie voorbij vliegt. Heel letterijk genomen vliegt het onderwerp van dit blog ook voorbij.
In Panama is nog veel natuur. We waren in het oerwoud, het nevelwoud, de mangrove en aan de kust. Overal kroop en fladderde er van alles rond. In dit blog een impressie, msommige zonder namen, want tijdens de vogelexcursies vlogen die bij mij het ene oor in en het andere weer uit. Onthouden lukte echt niet. Na de laatste excursie kregen we een dag later een lijst met vogelnamen van de vogels die we die dag gezien hadden, het waren er 40.


We hebben door het Panamakanaal gevaren, met deze fregatvogels boven onze hoofden.Het zijn grote zeevogels van ruim een meter lang en een spanwijdte van meer dan twee meter. De vogel is vrij licht en daardoor goed in staat tot zweven en vliegen. Uren achtereen kan hij boven de golven zweven, speurend naar prooi. Hij vangt vooral vissen en weekdieren en soms ontfutselt hij sterns of jagers hun prooi.


Aan de witte kop met borst te zien is dit een juveniel.


Ook pelikanen hebben we veel gezien.


Met behulp van de lijst en google gok ik dat dit de tropical kingbird is, daar een veel voorkomende vogel. De volgende is de social flycatcher, ook die hebben we erg vaak gezien.



Deze vogel zagen we in het oerwoud, in het nationaal park Soberania bij Panamastad. Daar zaten ook allerlei verschillende insecten zoals deze sprinkhanen.




Ook veel verschillende vlinders hebben we gezien. De omstandigheden waren niet optimaal: donker met hard licht waar de zon doorkwam en geen statief.




Deze vlinder heeft transparante vleugels, de kwaliteit is niet geweldig, maar de vlinder wel. Daarom plaats ik hem toch maar.

In Zuid-Amerika leven veel kolibries. De mannetjeskolibrie is bont, meestal metaalachtig groen gekleurd, met een glanzend rode, blauwe of smaragdgroene keelkleur.


Het vrouwtje is onopvallend gekleurd.


In Soberania werden kolibries gelokt met schaaltjes suikerwater. Het was een af- en aanvliegen van veel verschillende soorten. De kolibrie kan door de zeer snelle vleugelslag (15 tot 80 slagen per seconde, afhankelijk van de grootte van de vogel) in de lucht stil blijven hangen. Door de snelle vleugelslag kan de kolibrie als enige vogel ook achteruit vliegen. Ze kunnen zelfs recht omhoog en recht omlaag vliegen.


De snavel is een belangrijk kenmerk voor de soortindeling.Iedere snavel is op een bepaalde bloemvorm gespecialiseerd, waardoor er geen concurrentie tussen de kolibrie-soorten optreedt.


Tussen de soorten komen grote verschillen in gewicht voor. De kleinste (bijkolibrie) weegt 1,8 gram. De in Noord-Amerika meest voorkomende kolibrie (robijnkeelkolibrie) weegt ongeveer 3 gram en is 7,6 cm groot.


Aan de kant van de weg zagen we een roofvogel, de Roadside Hawk. Hij deed zijn naam dus wel eer aan deze havik. De Roadside Hawk is 31–41 centimeter groot.


Om de blog niet te lang te maken volgt de laatste vlieger hieronder. Deze bivakkeerde in ons onderkomen in park La Amistad een internationaal beschermd natuurgebied. We overnachtten midden in het regenwoud, in Wekso, waar zich tijdens de jaren tachtig van de vorige eeuw een militaire jungle school bevond waar dictator Noriega zijn troepen trainde. Hopelijk was deze gast minder gevaarlijk.