Met Pinksteren ben ik in het Dommeldal op zoek naar Roodborsttapuiten, die ik in een ander bericht zal plaatsen. In het biotoop van die vogels huist ook de grasmus. Deze tip krijg ik van een voorbij fietsende mijnheer, die even stopt om een praatje te maken. Hij weet me te vertellen dat ze regelmatig op de paaltjes met draad gaan zitten.
Ik vat post en bewonder het idyllische plaatje dat dit moet gaan opleveren.
Maar hoe lang ik ook wacht, er verschijnt geen grasmus. Wel een winterkoninkje, dat zijn bekje vol heeft met voer.
.jpg)
Op een andere dag neem ik meelwormen mee, dat zou toch moeten helpen. Maar ook dan zie ik geen grasmus.
Als ik me volledig op de Roodborsttapuiten stort, laat de grasmus zich (op afstand) zien.
Grasmussen, die overigens geen familie van de huismussen zijn, leven in lage doornstruiken zoals de braam, met een dichte begroeiing. Daarbij hebben ze enkele bomen nodig die als uitkijkpost kunnen dienen. Die bomen staan er in "mijn" gebiedje niet. Daarvoor in de plaats gebruiken ze wat riethalmen en een onooglijk druk uitgebloeid onkruidstruikje, dat eigenlijk te ver weg staat.
Maar als ik voor de 4e keer het gebied bezoek, hoor ik er eentje dichtbij in het gras hard fluiten.
Met alleen een sloot er tussen (en een heleboel gras en riet), worden mijn kansen beter.
Het is een zoekplaatje, maar daar ergens zit hij dan. Het is een onopvallend vogeltje dat meestal in dicht struikgewas zit. Ze zijn steeds in beweging en laten zich maar kort zien. Ze vallen eerder op door hun zang. Een opvallend, krassend gezang, alsof de vogel erg zijn best doet, maar gewoon niet zo veel talent heeft.
.jpg)
De grasmus is een trekvogel die de winter in Afrika doorbrengt. De mannetjes keren eerder terug dan de vrouwtjes. In die tussentijd bouwt het mannetje enkele nesten, waaruit het vrouwtje een keuze maakt. Bevalt geen van de nesten haar, dan bouwt ze alsnog haar eigen nest...
Het nest stelt niet zo veel voor en ligt laag tussen de struiken.
Grasmussen zijn 13 tot 15 cm groot, hebben een spitse snavel en roestbruine vleugels.
Verder hebben ze een grijsbruine rug, witte staartzijden en een beige-achtige onderkant. Mannetjes hebben een roze zweem op de borst, een opvallende witte oogring en keel en een grijze kop. Vrouwtjes hebben hebben een bruine in plaats van grijze kop.
Grasmussen zijn insecteneters. Naast allerlei insecten eten ze ook rupsen en spinnen.
.jpg)
Dit is volgens mij de enige foto waarop het vrouwtje staat, met de bruinere kop.
Toch fijn dat je zomaar tips krijgt van andere natuurgenieters,ook al had deze meneer zich denk ik een beetje vergist in welke vogels op de paaltjes gaan zitten. De Roodborsttapuiten doen dat wel ... een enkele keer. Hoewel... niet als ik mijn camera op ze richt.
Maar daarover een andere keer.
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)